Wednesday, May 30, 2007

Singapore


En weer hebben we het getroffen. De taxichauffeur wist eerst niet waar het adres was dat we opgaven, maar gelukkig had hij een stratenboek bij zich. Toen we bij ons adres aankwamen, wisten we niet wat we zagen. Een enorm huis. Rob, onze gastheer, had al verteld dat het een huis uit de koloniale periode was. Op de foto zie je iets meer dan de helft van het huis. wij hebben een zit-slaapkamer van 10 bij 8 meter, met een aparte badkamer. Er is een dienstmeisje in huis en de gastheer- en vrouw zijn allebei op zakenreis. Zij naar de U.S.A. en hij naar China. Voor Rob vertrok naar China heeft hij de laptop gereed gemaakt om wireless gebruikt te kunnen worden. Een heel gemak, want zo hoeven we niet naar een internetcafe en kunnen het lekker op ons gemak doen. Sitie, het dienstmeisje heeft ons alles uitgelegd, waar we VVV is, hoe we met de bus en trein kunnen reizen. Ze was zelfs zo lief om met ons naar de bushalte te lopen, want ze moest toch naar de markt. Toen ging ze mee in de bus om ons te wijzen hoe we onze reispas voor het openbaar vervoer, die we van Rob hadden gekregen, op moesten laden. Geweldig allemaal. Over de metro gesproken. Op Dhoby Ghaut moesten we overstappen op een andere lijn. Het glimt allemaal, vloeren zijn van een soort marmer, de muren zijn versierd met allerlei voorstellingen, sommige in mozaik, andere met gebakken tegels in een driedimensionale voorstelling. Op aanraden van Rob gaan we eerst naar Little India. Een aparte woongemeenschap van mensen uit India, midden in Singapore. Het doet ons een klein beetje aan Bangkok denken, alleen was dat nog iets rommeliger. In deze markthal kon je van alles kopen, zoals gebruikelijk in Aziatische landen. We vinden er ook weer een foodcourt, waar we een soort soep bestellen met nog iets erbij. Dat hebben we niet helemaal kunnen ontdekken wat dat 'iets' was. Wat we wel ontdekken is dat het eten er zeer betaalbaar is. We eten er voor SD 3, wat ongeveer anderhalve Euro is. We bekijken de Sri Veeramakaliamman Tempel van de buitenkant. Erg indrukwekkend. Vandaaruit lopen we naar Little Maleisia. Dat is weer helemaal volgens de Islam. De vrouwen lopen er allemaal met hoofddoeken en sluiers, er zijn in dat kleine gebied 3 moskeeen en er wordt veel geel goud verkocht. Onderweg naar de rivier willen we toch even het Raffles hotel bekijken. We bekijken de winkels: allemaal veel te duur. De goedkoopste overnachting kost hier 560 Amerikaanse Dollars. Een beetje teveel van het goede. Op ons huidige adres zijn we wel iets goedkoper uit en niets minder comfortabel. Aan het eind van de middag besluiten we een bootocht over de Singapore River te maken. Erg leuk om de stad vanaf het water te bekijken. Het witte standbeeld op deze foto stelt Sir Stamford Raffles voor, de stichter van SingaporeMaar ook de skyline in het avondlicht is erg mooi. Rechts op deze foto de witte torenspits van St. Andrew's Cathedral, een Anglicaanse kerk.Dit zijn onze eerste indrukken van een geweldige stad. Vanmiddag gaan we naar China town. Sitie heeft onze taxi voor vanavond al besteld, dus daar hoeven we ook niet meer aan te denken..

Tuesday, May 29, 2007

de laatste dag

Nog even terug naar zaterdag. We hebben dus in dat Nationale Park onze picnic gehad. Allerlei vogels kwamen zich tegoed doen, maar ook de kangeroes waren niet ver. Zondag, toen we over kleine weggetjes reden om via een omweg naar Toodyay en York te rijden, zien we voor het eerst emoes in het wild. Ze zijn veel schrikachtiger dan de kangeroes en zodra Cuny uit de auto stapt om een foto te maken zetten ze het op een rennen. En dat kunnen ze.
Toodyay en York zijn leuke oude stadjes. In Toodyay staat een Anglicaanse kerk, waar de vader van Ann dominee was. Ann is ook in deze kerk gedoopt. Verder is er een Coca Cola cafe met museum en een paar leuke restaurantjes. In York picnicken we aan de oever van de rivier de Avon. Deze rivier gaat later over in de Swan River. Het is niet zo zonnig, maar we houden het droog. Later winkelen we nog even en zien tot onze verbazing in een campingbedje een hondje en een lammetje staan en zitten. Allebei met een dekje om. Waarschijnlijk tegen de kou. De pup heeft waarschijnlijk iets aan zijn achterpootjes, want hij kon bijna niet lopen. Kan ook zijn dsat dat dekje te strak zat. Wel een beetje zielig allemaal. 's Avonds gaan we naar Fremantle en eten in een Thai restaurant. Erg lekker allemaal. Op maandagochtend brengt Ann ons naar het vliegveld. Daar hebben we wat gedoe met de bagage. We moeten zelfs wat spullen weggooien, weer een paar laagjes kleren aandoen en dan is het voor de bakker. Die extra kleren trekken we weer uit als we door de security zijn geweest, dus daar hebben we in het vliegtuig geen last van. In Singapore aangekomen nemen we een taxi naar ons laatste vakantieadres. Dit adres heeft Cuny gekregen via een 5W vrouw en we zijn verbaasd wat een groot huis dit is. Het dienstmeisje wil alle koffers de trap opdragen, maar daar steken we een stokje voor. Als we haar vragen of we ergens in de buurt wat kunnen eten, want het is al 6 uur en we hebben echt een beetje honger, zegt ze dat we met Rob en de jongens mee kunnen eten. Rob is onze gastheer. Hij heeft weinig tijd, maar kan ons wel wat tips aan de hand doen wat we in de anderhalve dag dat we in Singapore zijn, kunnen gaan doen. Ook maakt hij het voor elkaar dat we met de laptop van Gerrit onze mail op kunnen halen en prietproat bij kunnen werken. En dat is heel wat voor verslaafden zoals wij.

Out of Australia


Ja, dat mogen we nu zeggen. Wel met pijn in ons hart, maar goed. Toch hebben we nog wel wat over Australie te vertellen.Nadat we vrijdagmorgen in de bibliotheek Prietproat haebben bijgewerkt, gaan we met de bus naar Fremantle. We vinden een foodcourt, waar we weer een wontonsoep bestellen en lopen naar de vissershaven. Daar zien we dit monument, ter nagedachtenis aan de vissers die verdronken zijn. Heel veel Italiaanse namen staan er op de palen. Ook staan er twee standbeelden van vissers. Een heeft een mand met vis op zijn schouders, de ander een mand met kreeften. Levensecht. We zijn ook nog in het Maritiem museum geweest, waar we op een 'herinneringsmuur' waarop de namen van de mensen die via Fremantle Australie binnen zijn gekomen als immigrant. We vonden ook de naam van de familie Siroen. Vorige week hebben we met een paar kinderen kennis gemaakt. Dit standbeeld laat een immigrant uit de jaren 50 zien. Na een goedkope markt te hebben bezocht was het tijd om naar het station te gaan, waar Ann ons oppikte. 's Avonds komen de moeder van Ann, dochter Elisabeth en kleinzoon Dylon eten.
Zaterdag hebben we een tochtje in de Swan Valley gemaakt. 's Morgens regent het hard en we denken er nog over om maar niet te gaan. Maar gelukkig hebben we dat wel gedaan. We lopen wat in Guildford rond, bezoeken een chocoladefabriek, waar je zoveel chocolade mag proeven als je wilt. Daarna naar een nougatfabriek. Daar zijn ze wat kariger, maar het is wel erg lekker. Overal zie je wijnstokken en er staan een paar grote wijnhuizen, maar er zijn ook olijvenboomgaarden, kaasboerderijen, brouwerijen. We besluiten in een nationaal park te gaan picnicken. Als we op de banken zitten, komen de vogels al aangevlogen. Ze proberen een stukje mee te eten en dat lukt ook wel. Deze ekster was trouwens wel heel erg brutaal. 's Nachts regent het weer erg hard en ook ons plannetje voor de zondag dreigt in het water te vallen. Toch gaan we op stap. Ditmaal over landelijke weggetjes, soms is het gewoon rood gravel.

Friday, May 25, 2007

Bezoek aan penvriendinnen


Vandaag is het de laatste vrijdag in Australie. We zijn weer in de bibliotheek om Prietproat bij te werken en dan is het voorlopig computerstilte. Gisteren in Freemantle de trein genomen naar Perth en daar overgestapt naar Whitfords. Deze foto laat de voorkant van het station in Freemantle zien. De zwanen op het dak vielen mij opeens op. Toen ik het later aan Ann vroeg, moest ze bekennen ze nooit te hebben opgemerkt. Nu zien ze er nog wel erg wit uit, dus wie weet, misschien zijn ze er die ochtend wel opgezet. In Whitfords werden we afgehaald door Angie, een penvriendin waar Cuny al een tijdje mee correspondeert. Haar man Mick was ook vrij en dat was gezellig. Bij hen thuis koffie gedronken. Angie komt oorspronkelijk uit Wales, Mick uit Perth, Schotland. Na de koffie zijn we naar een botanische tuin gereden. Je kon daar ook midgetgolfen. Deze tuin is in 1974 aangelegd door Nederlanders en dat moet een hele klus zijn geweest, want de grond bestond uit fijn zand. Duinzand. Waar Angie en Mick wonen kon je duinen zien en zij wonen 10 minuten rijden met de auto van het strand. Denken wij dat wij brede duinen hebben. Betekent ook, dat er heel veel natuurgebied opgeofferd is aan woningbouw. En overal wordt nog bijgebouwd. We zijn maar kort bij Angie en Mick geweest. Na een kleinigheidje gegeten te hebben in hetzelfde winkelcentrum waar we dinsdag ervoor met Tony en Pat koffie hebben gedronken, brachten ze ons naar een andere penvriendin, Jill en haar man Alan. Met Jill schrijft Cuny ook al lang en haar zus Pat met man en kinderen zijn eens op bezoek geweest bij Cuny toen ze een reis door Europa maakten. Alleraardigste mensen, Jill en Alan. Gelijk bij aankomst moest Jill ons iets bijzonders laten zien. Een toch wel bijzonder huisdier. Een kikker in een waterplasje in een bromelia. Je kunt het maar lekker vinden. Maar leuk om een foto van te maken. Pat kwam vanuit haar werk om even bij te praten en we zijn ook nog op verjaardagsvisite geweest. Kleindochter Isabel werd 1 en we moesten erbij zijn toen de verjaardagskaars werd uitgeblazen. Met Jill en Alan zijn we 's middags naar Lake Joondalup geweest. Dit meer konden we vanaf de veranda bij Tony en Pat zien. Toch een kleine wereld, zelfs in Australie. De waterstand in het meer is dramatisch laag. Bij normale waterstand is het meer meer dan 4 meter diep. Overal prachtige eenden, zelfs een gans, die een beetje op Goto leek, de gans die wij in Losser hadden. Dit terzijde. Er waren grote aantallen witte kakatoes, duiven, maar ook prachtig gekleurde papagaaitjes. Tenminste zo zouden wij ze noemen. Ze heten Twenty-eights, omdat ze dat schijnen te roepen. Maar wij konden er nog geen zevenentwintig van maken. Jill, hier op de foto, heeft er een op haar schouder zitten. Soms landden ze zelfs op je hoofd, maar dat kwam omdat ze door hadden dat wij eten bij ons hadden. Nu zijn ze niet erg kieskeurig, want ook een stukje brood valt niet te versmaden . Dit is dus voorlopig ons laatste verslag. Het ligt eraan of we in Singapore van de computer van onze gastheer gebruik kunnen maken of ergens een internetcafe kunnen vinden. Zo niet, dan volgt het laatste verslag volgende week vrijdag vanuit Gemert.

Wednesday, May 23, 2007

Dwellingup, Kings Park en Freemantle


Ja, dat heeft een tijd geduurd, maar nu zijn we er dan weer. Het is altijd moeilijk als er geen computer thuis is. Zaterdagmorgen kwam Nerillee, een vriendin van Ann, ons ophalen. We rijden naar Dwellingup, een plaatsje ten zuid-oosten van Perth. Daar is een boomgaard, waar Ann fruit heeft besteld: voor school, voor de dochter, voor een vriendin en voor zichzelf. Het belangrijkste is eigenlijk de Fuyu's. Een vrucht die wij nog niet kennen. Uiterlijk een tomaat, stevig vruchtvlees, dat van smaak tussen een appel en een peer in zit. Met de auto volgeladen rijden we weer naar Dwellingup. Dat is trouwens een Aboriginal naam en de uitgang up betekent 'woonplaats'. De fuyu begint pas rijper te worden als de bladeren al van de boom zijn gevallen. Verder bezoeken we een wijnproeverij, wat art galeries en we lunchen er. Een aardige vrouw serveert ons een groot bord stevige groentensoep (Gerrit krijgt het volste bord) met heerlijk, knapperig brood voor AUD 5,00, wat volgens ons erg goedkoop is. Later bezoeken we de forest museum, waar we een behoorlijke wandeling hebben gemaakt van zeker een uur. We lopen ook nog over een boomkronenpad en dan bekijk je de wereld onder je toch weer anders.
We zien een houthakkershut. Hier woonden ze met soms vrouw en kinderen. Het 'bed' bestaat uit een soort hangmat van jutezakken. We zijn er niet achter gekomen wie daar nu in sliep. Erg comfortabel was het allemaal niet. Als we ook nog het onderkomen van aboriginals gaan bekijken
horen we wat geritsel en als we goed kijken zien we dat we door twee neiuwsgierige kangeroos in de gaten worden gehouden. Ze blijven natuurlijk niet wachten tot Cuny ze op de foto kan zetten. Helaas.Overal om ons heen staan zwartgeblakerde bomen. In februari van dit jaar zijn hier hevige bosbranden geweest. Ondanks dat staan de bomen in blad en op de grond loopt ook van alles weer uit. We hebben ons laten vertellen, dat abroiginals vaak grote gebieden afbranden om zodoende bepaalde zaden de kans te geven te ontkiemen. Deze zaden kunnen alleen ontkiemen als ze verbrand zijn geweest. Je moet het maar weten. Ook zien we nog sporen van een bosbrand in 1961. Het bordje vertelt dat de boom links een litteken heeft overgehouden van de bosbrand toen. En dan toch maar doorgroeien.
Nu wordt het moeilijk, heel moeilijk. 's Zondags gaan we naar Kings Park en wandelen daar een paar uur. Onze kuitspieren hebben zich hier in australie behoorlijk ontwikkeld. De moeilijkheid is niet dat we spierpijn hebben of zo. Nee, het gaat erom dat we geen keuze kunnen maken uit de 230 foto's die Cuny tijdens deze wandeling heeft gemaakt. En dat zijn niet alleen foto's van indrukwekkende gumtrees. die er in heel veel verschillende soorten staan, of prachtige bloemen en bijzondere vogels, maar ook prachtige uitzichten op Perth en de Swan River. Alles is even mooi en indrukwekkend. Daarom houden we het maar op twee foto's. Heel veel mensen brengen hun vrije tijd door in de parken in Australie. De gazons zijn vakkundig geschoren, maar je mag er op lopen, spelen, bbq'en, picknicken enz. We hebben in Australie al veel parken gezien, maar dit vinden we toch wel het mooiste. Daar komt bij dat het gedeelte van het park en de botanische tuin, waar wij hebben gewandeld, maar een heel klein stukje van het park is. De totale oppervlakte bedraagt 400 hectare. De rode bloemen zijn van een bepaalde eucaliptus boom, oftewel gumtree.
Op maandag nemen we de bus naar Freemantle. In Elvira Dr, de straat waar Ann woont, zien we deze twee Galars rustig eten en ze gaan echt niet voor ons aan de kant. Ze veroorzaken trouwens veel schade aan de gewassen. Dat even terzijde.
In Freemantle stappen we op de gratis Catbus, die een grote ronde maakt door Freemantle. We bezoeken het Museum van Freemantle, St. John's Angilcan Church, waar we prachtige ramen zien. Een heel vriendelijke gids vraagt ons waar we vandaan komen en als ze hoort dat we Nederlanders zijn, zegt ze dat we beslist naar het Shipwreck museum moeten gaan. Ze zegt: Ik zeg je niet dat je naar de kerk moet gaan, maar wel dat je het Shipwreck museum niet mag missen. Daar gaan we dus maar naar toe. En ja, het is echt de moeite waard. Het vertelt de geschiedenis van de Batavia en andere, veel Nederlandse, schepen die voor de kust van West Australie schipbreuk hebben geleden. Deze foto laat de originele achtersteven van de Batavia zien. Ook gedeelten van de lading worden getoond. Heel veel muntstukken, maar ook aardewerk, stukken kleding die ze nog hebben kunnen redden, en noem maar op. De glazen, die hier getoond worden, waren origineel helder, maar door de invloed van ultraviolette stralen van de zon en door de ondiepe ligging van het wrak, is het glas paars gekleurd. Freemantle was in de jaren 80 de plaats waar de America Cup werd gehouden voor een zeilbotenrace. Heel veel gebouwen hebben toen een opknapbeurt gehad, waardoor het er nu nog heel verzorgd en voornaam uitziet. Dinsdagmorgen worden we opgehaald door Tony en Pat, oftewel Truus. Zij was 10 toen de familie in 1954 vanuit Gemert emigreerde naar Australie en Gerrit had vlak voor we vertrokken naar Australie contact met haar via email. Toen ze hoorde dat we ook naar Perth gingen, werden we uitgenodigd een paar dagen bij hen door te brengen. Dat zijn er twee geworden, omdat we te weinig tijd hadden voor meer. Maar we hebben er enorm van genoten. Niet de hele familie kon komen, dat zou teveel zijn geworden, want ze waren met 2 broers en 9 zussen. We moesten het doen met 3 zussen en 1 broer (met aanhang), dus dat was ook niet mis. .Via de kustweg rijdt Tony naar Joondalup en al gauw komt de een na de andere binnendruppelen. Als je dan in Australie bent, wat ligt er dan meer voor de hand wat je 's avonds doet??? Jawel, de bbq. We praten tot laat in de avond en als we vanmiddag door Pat en broer Martin naar Palmyra worden gebracht ontbreekt de uitnodiging om een volgende keer beslist veeeeel langer te komen, niet. Het is echt een bezoek waar we met heel veel plezier op terug kunnen kijken.

Friday, May 18, 2007

Victor Harbor en Adelaide


We praten nu over Adelaide, maar we zijn al in Perth. Pas de laatste dag bij Eileen en Roger, een penvriendin van Cuny, kwamen we erachter dat ze een computer hadden. We zullen de achterstand nu proberen in te halen in de bibliotheek dichtbij waar Ann, een 5W vriendin van Cuny, woont. Dit varken kwamen we tegen in Port Elliot, dichtbij Victor Harbor. Het lijkt erop of hij straf heeft of de kroeg niet in mocht.
Een collega van hem komen we in Adelaide tegen, midden in de city. dit varken had tenminste nog gezelschap van 3 soortgenoten. Bij Eileen en Roger hebben we ook een paar goede dagen doorgebracht. Ze halen ons zondagmiddag op in Victor Harbor en gelukkig is hun auto groot genoeg voor onze bagage. Op weg naar hun huis rijdt Roger naar Windy Point om ons een uitzicht over Adelaide te laten zien. We zien een prachtige zonsondergang over Gulf St. Vincent.
De eerste dag rijden we eerst naar Mount Lofty, een uitkijkpunt, waar je een groot gedeelte van Adelaide van grote hoogte kunt zien. Op het midden van de foto kun je de wetlands zien. Hier wordt ook zeezout gewonnen. Later op de dag zien we bergen met zeezout, wat toch wel een bijzonder gezicht is. We rijden door naar Hahndorf en de naam zegt het al. Hier settelden zich in de 19e eeuw een groot aantal Duitse leden van de Lutherse kerk. In zijn onschuld bestelt Gerrit een Hahnburger, bedoeld als "lichte lunch", maar we hadden het kunnen weten, want Duitsers houden van grote porties. Onder het genot van Beierse muziek wordt de Hahnburger bijna helemaal soldaat gemaakt. We waanden ons in Duitsland, maar de serveersters droegen nog net geen Dirndl. In Handorf vind je heel veel leuke winkels. Zo te zien zijn ze daar bij de tijd. Maar er zijn ook winkeliers die een bijzonder gevoel voor humor hebben.
De volgende dag rijdt Roger ons naar de Barossa Valley. Maar eerst zoeken we de Whispering Wall op. Dit is een dammuur, gebouwd in 1902. De muur is 140 meter lang en als je aan het ene eind zachtjes praat, kunnen ze het aan het ander eind woordelijk verstaan. Het is heel bijzonder om dat mee te maken. De Barossa Valley is een bekend wijngebied. De Duitse emigranten die zo rond 1835 naar Australie kwamen, hadden wijnstokken bij zich en zijn met de wijnbouw begonnen. Er zijn enkele wereldberoemde wijnhuizen, zgn. chateaux in de Barossa Valley. Ook hier moeten we aan de inwendige mens denken en we zorgen ervoor dat we nu echt een lichte lunch bestellen, want 's avonds gaan we uit eten met een aantal mensen. En wie raadt wat we daar hebben gegeten, kan een prijsje verdienen. Zoals gezegd, gaan we 's avonds uit eten. Een vriendin van Eileen is een Hollandse, Marietje en ze komt uit Tilburg. Zij zit naast Gerrit en haar man Terry, grootvader kwam uit Duitsland, zit naast Cuny. Aan de rechterkant van de tafel van l.n.r. Clyve, broer van Roger, Roger, de brouwer van zijn eigen bier, Eileen en haar schoonzus. Roger brouwt zijn eigen bier en heeft Gerrit ondertussen aangesteld als zijn apprentice, leerling. Samen met Eileen brengen we een paar uurtjes in Adelaide door. Eileen parkeert de auto bij een shopping centre en we gaan verder met de bus. Deze bussen rijden via de O-bahn. Van dit systeem zijn er twee in gebruik op de hele wereld. In Adealide dus en in Hamburg. Het is een Duitse vinding en we gaan er nog achter zien te komen, waar de 'O' staat. Zo gauw de bus vanaf de normale weg op deze baan komt, wordt de bus gestuurd door twee zijwielen, die dan uitklappen. De chauffeur zit dan met de armen over elkaar. Hij hoeft alleen maar gas te geven en te remmen. Adelaide is een gezellige en overzichtelijke stad. Er is veel groen, mooie oude gebouwen en er is veel aan kunst gedacht. We zien er zelfs de enige echte Ade Lisa, getooid in de kleuren van de twee plaatselijke football teams. De tijd in Adelaide zit erop, maar ook hier moeten we beloven snel terug te komen. De zijn nu in Perth. Hier blijven we 12 dagen en we gaan jullie ook van deze stad het een en ander vertellen.

Friday, May 11, 2007

Victor Harbor


Ja, daar zijn we nu. Victor Harbor ligt aan de kust, ten zuiden van Adelaide. We vlogen met Virgin Blue van Melbourne naar Adelaide. In goed 1,5 uur waren we er. Het was een goede reis, maar erg bewolkt. Alleen in het begin en aan het eind kon je wat van de omgeving zien. Je kon Adelaide goed zien liggen. Maar dat gaan we later wel ontdekken. Ruth en Kevin namen ons mee naar Glenelg om koffie te drinken. Dat smaakte prima. Het zijn heel vriendelijke mensen. Niets is goed genoeg en ze willen ons overal naar toe nemen, maar de tijd is beperkt. We hebben al een uitnodiging om de volgende keer minstens 3 weken te blijven. Onderweg hebben we ook nog geluncht in een Italiaans restaurant en dat midden in Australie. Toch smaakte het erg lekker. We hadden 's morgens om vijf uur ontbeten, dus we hadden best een beetje trek. Onderweg naar Victor Harbor nog een vriendin van Ruth bezocht. Zij woont in een cottage van meer dan 100 jaar oud. We vonden het er prachtig. Het is in het wijngebied MacLaren Vale. 's Avonds hebben we in een restaurant gegeten, en het was niet erg laat toen we naar bed gingen. Deze spreuk zagen we achterop een caravan en eerlijk gezegd, sprak die ons wel aan. "Geniet voordat je er geen plezier meer aan kunt beleven". We zijn naar Goolwa geweest. Daar is een informatiecentrum over de Murray River. Dit is samen met de Darling River de langste rivier in Australie. De Darling River ontspringt in Queensland en de Murray River in New South Wales. Ergens halverweg komen ze samen en de rivier mondt bij Goolwa uit in Encounter Bay. We zijn in Signal Point Info Centre wezen kijken en dat was heel interessant. Een maquette op de grond laat zien hoe de loop van de Murray River is en waar de rivier in zee stroomt. Vanmiddag gaan we kijken hoe het allemaal in het echt is.
Over anderhalf uur komt Ruth ons ophalen en we laten ons nu heerlijk naar Granit Island rijden, in de paardentram.
Gisteravond moesten we weer "lijdzaam" een bbq ondergaan. Ruth had haar zwager en schoonzus uitgenodigd om met ons kennis te komen maken en zij waren helemaal uit MurrayBridge komen rijden, toch een dik uur rijden, to have the pleasure to meet us. Zij hebben ons en pasant uitgenodigd een volgende keer ook naar MurrayBridge te komen.
Hier laten we het even bij. We gaan nu van de zon genieten en ons paard staat al te trappelen van ongeduld.